Charlotte trok de deur achter zich dicht.
Ze keek niet om.
Pas toen de liftdeuren zich sloten, liet ze haar schouders zakken.
Niet van verdriet.
Van opluchting.
Vier jaar lang had ze geprobeerd een huwelijk te redden dat allang was veranderd in een zakelijke overeenkomst waar alleen Grant nog voordeel uit haalde.
Maar deze keer was het anders.
Ze had eindelijk besloten dat haar leven niet langer bepaald zou worden door wat hij haar gunde.
Buiten stond een zwarte sedan op haar te wachten.
De chauffeur stapte uit.
“Mevrouw Wycliffe?”
Charlotte knikte.
“Ik breng u naar het hotel.”
Ze stapte in.
Op de achterbank lag een leren map.
Bovenop stond slechts één naam.
Charlotte Wycliffe.
Ze opende de map.
Binnenin zat een brief die ze drie dagen eerder had ontvangen.
Ze las hem opnieuw.
“Uw familie heeft u jarenlang gezocht. Uw grootmoeder heeft gevraagd u onmiddellijk te contacteren.”
Charlotte sloot haar ogen.
Haar grootmoeder.