Julian liet Elena onmiddellijk los.
Richard Kensington keek hem aan met een uitdrukking die niemand in de zaal ooit eerder bij hem had gezien.
Geen zakelijke kalmte.
Geen beleefde glimlach.
Pure schok.
“Waar heb je die ketting vandaan?” vroeg Richard.
Elena raakte instinctief de halve zon aan.
“Van mijn pleegmoeder.”
“Hoe heette zij?”
“Rosa Bennett.”
Richard deed een stap achteruit.
Alsof de naam hem fysiek had geraakt.
Eleanor, die naast hem stond, begon te huilen.
“Richard…”
Hij keek haar aan.
“Zeg het.”
Ze schudde haar hoofd.
“Niet hier.”
“Juist hier.”
Julian keek verward van de een naar de ander.
“Wat is hier aan de hand?”
Richard antwoordde niet.
Hij keek alleen naar Elena.
“Hoe oud was je toen Rosa je vond?”
“Dertig jaar geleden.”
“Waar?”
Elena slikte.
“Na een brand.”
De stilte werd ondraaglijk.
Richard draaide zich langzaam om naar zijn oudste adviseur.
“Bel mijn beveiligingschef.”
“Waarom?”
“En laat hem mijn privéarchief meenemen.”
Julian fronste.
“Meneer Kensington, misschien kunnen we dit beter later bespreken.”
Richard keek hem aan.
“Jij gaat nergens heen.”