“Mike heeft het grootste deel van zijn levensverzekering en een deel van zijn spaargeld daarin ondergebracht.”
Ik keek opnieuw naar de brief.
Maar er was meer.
Mike had ook een klein huisje gekocht aan een meer, op naam van het fonds.
Een plek waar ik en Mia naartoe konden wanneer het leven te zwaar werd.
Ik voelde mijn keel dichtknijpen.
Ik had het afgelopen jaar geprobeerd onze huur te betalen, te werken en tegelijkertijd Mia door haar verdriet heen te helpen.
En al die tijd had Mike een veilige plek voor ons achtergelaten.
Waarom had hij dat verborgen?
Omdat hij wist dat ik het anders nooit zou aannemen.
Ik las de laatste pagina.
Emma, er is nog één ding.
Mijn hart sloeg over.
Harold weet waarom ik bang was om je alles te vertellen. Niet omdat ik iets verkeerd heb gedaan, maar omdat ik ontdekte dat mijn ziekte mogelijk verband hield met een oud zakelijk conflict.
Ik keek op.
“Welk conflict?”
Harold werd bleek.
“Ik hoopte dat hij dat niet in de brief had gezet.”
“Wat bedoelde hij?”
Harold ging zitten.
“Mike werkte jaren geleden aan een groot project. Hij ontdekte dat iemand binnen het bedrijf financiële documenten had aangepast.”
“Wat heeft dat met zijn ziekte te maken?”
“Dat weten we niet.”
Ik voelde een koude rilling.
“Harold.”
Hij keek me aan.
“Mike wilde geen beschuldigingen uiten zonder bewijs. Daarom heeft hij documenten verzameld en op een veilige plek opgeslagen.”
“Welke plek?”
Harold antwoordde niet.
Ik stond op.
“Welke plek?”
“De oude opslagruimte van het bedrijf.”
Ik staarde hem aan.
“Waarom heb je me dit niet eerder verteld?”
“Omdat Mike me dat verbood.”
“Hij verbood je?”
“Hij zei dat je eerst moest weten dat Mia veilig was.”
Ik keek naar de brief.
Onderaan stond een laatste zin die ik nog niet had gelezen.
Ik vouwde het papier open.
Emma, als je zover bent, ga dan niet alleen naar de opslagruimte. Neem Harold mee. En neem vooral Mia niet mee.
Ik keek langzaam op.
Mijn dochter speelde in de woonkamer met haar poppen.
Toen zag ik iets op de vloer liggen.
Een klein zilveren sterretje.
Hetzelfde soort sterretje dat Mia jaren geleden op Mikes hoortoestel had geplakt.
Ik bukte me.
Er stond een piepklein nummer op de achterkant.
17.
Ik keek naar Harold.
“Wat betekent zeventien?”
Hij verstijfde.
“Dat…”
Hij stopte.
“Wat?”
Hij keek naar het sterretje.
Toen naar mij.
“Dat is het nummer van de kluis.”
Mijn adem stokte.
“Welke kluis?”
Harold stond langzaam op.
“De kluis die Mike me heeft laten openen als jij ooit de eerste aanwijzing zou vinden.”
Buiten begon het donker te worden.
Ik keek naar mijn dochter, daarna naar het kleine sterretje in mijn hand.
Een jaar lang had ik gedacht dat ik afscheid had genomen van mijn man.
Nu begreep ik dat Mike misschien nog één verhaal voor me had achtergelaten.
En dat mijn vierjarige dochter, zonder het zelf te beseffen, zojuist de deur naar dat verhaal had geopend.