Hij keek haar wanhopig aan.
“Ik hou van je.”
Anna’s ogen werden vochtig.
“Misschien.”
Hij leek verbaasd.
“Wat betekent dat?”
“Dat ik niet weet of liefde genoeg is wanneer vertrouwen verdwenen is.”
Ze pakte haar jas.
Mila stond in de gang.
“Anna.”
Anna keek haar aan.
“Wat?”
“Ik wil je iets laten zien.”
Ze haalde een tweede map uit haar tas.
“Dit heb ik meegenomen omdat ik wist dat dit gesprek ooit zou komen.”
Anna keek haar wantrouwig aan.
Mila opende de map.
“Ik heb alle betalingen bijgehouden die jij aan Sergei hebt gedaan.”
Anna fronste.
“Waarom?”
“Omdat ik niet wilde dat jij later zou denken dat ik je geld had afgenomen.”
Ze schoof de papieren naar voren.
“Je hebt in totaal vierhonderdtachtigduizend roebel betaald.”
Anna keek naar de cijfers.
“En?”
“Ik heb nooit beweerd dat die betalingen voor eigendom waren.”
Anna keek haar verbaasd aan.
“Wat zegt u?”
“Ik heb Sergei vanaf het begin gezegd dat hij jou moest vertellen dat het appartement van mij was.”
Sergei keek haar boos aan.
“Moeder!”
“Je hebt twee jaar lang gelogen. Ik ga je nu niet beschermen.”
Anna keek naar Mila.
“Waarom hebt u mij niet zelf verteld?”
Mila zuchtte.
“Omdat ik dacht dat mijn zoon volwassen genoeg was om verantwoordelijkheid te nemen voor zijn eigen keuzes.”
Ze keek naar hem.
“Ik had het mis.”
De kamer werd stil.
Anna keek opnieuw naar de documenten.
“Wat gebeurt er nu?”
Mila antwoordde rustig.
“Dat bepaal jij.”
“Ik wil mijn geld terug.”
Sergei keek op.
“Dat kan ik niet zomaar betalen.”
“Dan verkopen we de spullen die gekocht zijn met mijn geld.”
“Welke spullen?”
“De televisie. De nieuwe computer. De meubels. Alles wat jij van mijn bijdragen hebt betaald terwijl je tegelijkertijd je schulden aflostte.”
Sergei schudde zijn hoofd.
“Dat is niet eerlijk.”
Anna keek hem aan.
“Nu weet je hoe het voelt wanneer iemand anders bepaalt wat eerlijk is.”
Mila stond op.
“Ik heb nog één voorstel.”
Anna wachtte.
“Ik kan Sergei verplichten het appartement te verlaten. Jij mag hier voorlopig blijven zonder huur te betalen, totdat je een nieuwe woning hebt gevonden.”
Anna keek verbaasd.
“Waarom zou u dat doen?”
“Omdat jij niets verkeerd hebt gedaan.”
Ze keek naar Sergei.
“Mijn zoon heeft een fout gemaakt. Jij hoeft daar niet voor te betalen.”
De volgende weken waren moeilijk.
Anna verhuisde uiteindelijk naar een klein appartement dichter bij haar werk.
Het was niet groot.
Er was geen balkon met uitzicht op het park.
Maar voor het eerst sinds lange tijd wist ze precies wat ze betaalde en waarvoor.
Sergei moest zijn schulden onder ogen zien.
Hij verkocht een aantal bezittingen en sloot samen met een financieel adviseur een afbetalingsregeling.
Ze spraken elkaar wekenlang nauwelijks.
Toen belde hij op een zondag.
“Anna?”
“Ja?”
“Ik heb het eerste bedrag overgemaakt.”
“Welke?”
“Het geld dat ik je schuldig ben.”
Anna keek naar haar bankrekening.
Hij had inderdaad betaald.
Niet alles.
Maar genoeg om te laten zien dat hij eindelijk verantwoordelijkheid nam.
“Bedankt,” zei ze.
“Ik weet dat ik je vertrouwen misschien nooit terugkrijg.”
Anna keek uit het raam.
“Dat weet je inderdaad.”
“Maar ik wil het proberen.”
Ze zweeg.
“Niet voor mij,” zei ze uiteindelijk. “Doe het voor jezelf. Zodat je nooit meer iemand hoeft te misleiden om bang te zijn dat hij je verlaat.”
Hij ademde diep in.
“Dat zal ik doen.”
Een jaar later had Anna haar eigen huis gekocht.
Geen luxe appartement.
Geen groot gebouw.
Gewoon een lichte woning met twee slaapkamers en een klein balkon.
Op de dag dat ze de sleutels kreeg, stond ze een tijdje stil bij de voordeur.
Ze dacht aan het appartement van Sergei.
Aan de regen.
Aan de map onder het beddengoed.
Aan de twintigduizend roebel die ze elke maand had overgemaakt.
En aan de vrouw die haar ooit had gezegd dat ze “niemand” was.
Ze begreep nu dat Mila dat nooit letterlijk had bedoeld.
De echte leegte was niet Anna zelf geweest.
Het was de waarheid die Sergei jarenlang voor haar had verborgen.
Anna zette haar spullen neer en opende de balkondeur.
Frisse lucht stroomde naar binnen.
Haar telefoon trilde.
Een bericht van Sergei.
“Gefeliciteerd met je nieuwe huis.”
Ze keek er een paar seconden naar.
Toen antwoordde ze:
“Dank je. Het voelt goed om eindelijk precies te weten waar ik thuishoor.”
Ze legde haar telefoon weg.
Voor het eerst hoefde ze niet te vragen wie de eigenaar van haar toekomst was.
Dat was zijzelf.