Marcus hield zijn adem in.
“Wat bedoel je met mama’s strandhuis?” vroeg hij voorzichtig.
Lily haalde haar schouders op.
“Ik weet het niet. Ze zeggen altijd dat het van mama Hannah was. En dat jij er niets van mag weten.”
Een koude rilling liep over zijn rug.
Hannah had inderdaad een klein strandhuis geërfd van haar grootouders aan de kust van Rhode Island. Na haar overlijden was het eigendom automatisch overgegaan naar Lily via een trustfonds dat beheerd werd totdat ze volwassen zou zijn.
Sarah wist daarvan.
Maar ze had er nooit bijzondere belangstelling voor getoond.
Tenminste, dat had Marcus gedacht.
“Wanneer komt die Julian hier?” vroeg hij.
“Soms als jij werkt. Soms als ik op school ben.”
Marcus knikte langzaam.
Vanuit de keuken hoorde hij Sarah zingen terwijl ze ontbijtspullen opruimde.
Alles klonk normaal.
Te normaal.
Hij hurkte neer.
“Lily, luister goed. Je hebt niets verkeerd gedaan door mij dit te vertellen.”
Het meisje knikte.
“Ben je boos?”
“Nee.”
“Op Sarah?”
Marcus dacht even na.
“Ik weet nog niet wat er aan de hand is.”
Dat was de waarheid.
Hij had alleen vermoedens.
En vermoedens waren niet genoeg.