Een man in een donker pak liep voorop. Achter hem volgden twee medewerkers van het hoofdkantoor.
Vanessa zag hen en liep onmiddellijk naar voren.
“Goed dat jullie er zijn. Ik heb zojuist een lastige gast die weigert te vertrekken.”
De man keek haar aan.
“Waar is hij?”
“Daar.”
Vanessa wees naar Daniel.
De man keek.
Toen bleef hij abrupt staan.
“Mr. Mercer?”
De hele eetzaal leek stil te vallen.
Vanessa keek hem verbaasd aan.
“U kent hem?”
De man antwoordde niet meteen.
Hij liep naar Daniel.
“Goedemiddag, meneer Mercer.”
Daniel stond op.
“Goedemiddag, Richard.”
Vanessa’s gezicht verloor langzaam zijn kleur.
“Mercer?”
Richard knikte.
“Daniel Mercer.”
Hij keek naar Vanessa.
“De meerderheidsaandeelhouder van Bellmont Hospitality.”
Een glas viel ergens achter de bar.
Sophie keek omhoog.
“Papa, ben jij de baas?”
Daniel glimlachte.
“Dat is een beetje ingewikkelder.”
Richard antwoordde droog:
“Niet vandaag.”
Vanessa staarde Daniel aan.
“U…”
Daniel onderbrak haar niet.
Hij wachtte.
Richard haalde een tablet tevoorschijn.
“Mr. Mercer heeft mij vanochtend gevraagd om de klachten van de afgelopen twee maanden persoonlijk te onderzoeken.”
Vanessa slikte.
“Welke klachten?”
Richard keek naar haar.
“De klachten die u waarschijnlijk hoopte nooit terug te zien.”
Hij draaide het scherm om.
Er stonden tientallen meldingen.
Een medewerker die had beweerd dat hij was berispt omdat hij een gezin zonder alcohol had geholpen.
Een moeder die zei dat ze was gevraagd aan een andere tafel plaats te nemen omdat haar kleding niet bij het restaurant paste.
Een ober die had gemeld dat Vanessa hem had opgedragen “selectiever” te zijn in het benaderen van klanten.
Vanessa schudde haar hoofd.
“Dat is allemaal uit verband gerukt.”
Daniel keek rustig naar haar.
“Daarom wilde ik vandaag zelf komen.”
Hij wees naar zijn eigen kleding.
“Ik wilde zien hoe u reageert op iemand van wie u denkt dat hij niet bij uw doelgroep hoort.”
Vanessa zei niets.
Daniel ging weer zitten.
“En u hebt me precies laten zien wat ik moest weten.”
Richard liep naar de serveerster die eerder had staan luisteren.
“Mag ik u een paar vragen stellen?”
Ze keek naar Vanessa.
Daniel zag de twijfel.
“U hoeft niet bang te zijn,” zei hij. “Uw baan staat niet op het spel omdat u de waarheid vertelt.”
De serveerster haalde diep adem.
“Mevrouw Cole heeft ons vaak gezegd dat we eerst naar de kleding van gasten moesten kijken.”
Vanessa schudde haar hoofd.
“Dat heb ik nooit gezegd.”
“U zei letterlijk dat we geen ‘budgetklanten’ bij de ramen moesten zetten.”
Een paar mensen aan een andere tafel keken op.
Richard noteerde iets.
“Nog meer?”
De serveerster knikte.
“Ze zei ook dat gezinnen met kinderen minder omzet opleveren.”
Vanessa keek naar Sophie.
Sophie kleurde ondertussen rustig verder.
Daniel voelde een koude woede, maar hij hield zijn stem kalm.
“Dat is precies waarom ik hier ben.”
Vanessa richtte zich tot hem.
“U hebt mij in een val gelokt.”
Daniel schudde zijn hoofd.
“Nee.”
Hij keek naar Sophie.
“U hebt zelf laten zien hoe u mensen behandelt wanneer u denkt dat niemand kijkt.”
Vanessa liep naar haar kantoor.
Richard wilde haar volgen.
Daniel hield hem tegen.
“Laat haar haar persoonlijke spullen pakken.”
Vanessa draaide zich om.
“Wat bedoelt u?”
Daniel stond op.
“Uw functie eindigt vandaag.”
De eetzaal werd stil.
“U kunt mij niet ontslaan.”
“Dat kan ik wel.”
“Op basis van één incident?”
“Nee.”
Daniel wees naar de tablet.
“Op basis van twee maanden aan klachten, getuigenverklaringen en wat u vandaag zelf hebt laten zien.”
Vanessa keek naar Richard.
“Is dit echt?”
Richard knikte.
“Uw contract wordt per direct beëindigd.”
Vanessa leek voor het eerst geen antwoord te hebben.
Ze pakte haar tas.
Toen ze langs Daniel liep, stopte ze.
“U hebt dit allemaal gepland.”
Daniel keek haar aan.
“Ik heb gepland om de waarheid te ontdekken.”
Hij keek naar zijn dochter.
“De rest hebt u zelf gedaan.”
Vanessa liep weg.
Sophie legde haar kleurpotlood neer.
“Papa?”
“Ja?”
“Mag ik nu mijn limonade?”
Daniel glimlachte.
“Je hebt lang genoeg gewacht.”
Hij keek naar een medewerker.
“Twee limonades, alstublieft.”
De medewerker glimlachte.
“Komt eraan.”
Sophie keek naar Richard.
“Was papa echt de baas?”
Richard lachte.
“Een van de mensen die eigenaar zijn, ja.”
Sophie dacht daar even over na.
“Dan had hij toch gewoon kunnen zeggen dat die mevrouw moest vertrekken?”
Daniel schudde zijn hoofd.
“Dat zou gemakkelijk zijn geweest.”
“Waarom deed je dat niet?”